Cultuur

Tussen professional en amateur zit alleen een diploma – Interview met Maurice Dujardin, directeur Theater de NWE Vorst in Tilburg

Maurice Dujardin (1973) werkte eerder als zakelijk leider voor onder andere Theatergezelschap Drie Ons, dansgezelschap Rogie & Company, Danshuis Station Zuid en is de laatste jaren zakelijk directeur / bestuurder van Theater Artemis in Den Bosch. Dujardin studeerde Kunst en Kunstbeleid in Groningen en rondde afgelopen jaar het programma LinC (Leiderschap in Cultuur) af.         

Ik ging met hem in gesprek over theater.

 

We hebben elkaar al eerder ontmoet, tijdens de presentatie van de cultuurplannen voor Brabant. Toen ging het ook over theater, amateur en professioneel en het verschil daartussen, dat dat zo van belang is. 
”Dat amateur en professioneel meer met elkaar in aanraking komt. We moeten proberen om daar bruggen tussen te slaan.”

Maar wat is nou eigenlijk het verschil tussen professioneel en amateur? Is alles wat zich in de schouwburg afspeelt professioneel en alles daarbuiten niet?
”Amateur betekent liefhebber. Dat het een hobby is en niet je hoofdactiviteit in je dagelijkse leven. Als je er 24 uur per dag mee bezig bent ben je wel meer dan een amateur. Amateur en professional zegt ook veel over of je er van kan leven. Dat is lastig, het is niet heel zwart-wit. Als je je beroep er van maakt en als je je er van rond kan komen mag je jezelf wel professional noemen. Het ligt ook aan opleiding, als je een opleiding hebt gedaan ben je sowieso professioneel. Ondanks dat iemand die net van school komt het lastig gaat krijgen om in de eerste fase daar een boterham mee te verdienen. Het is niet zo dat alle professionals in de grote theaters spelen. Dat loopt allemaal door elkaar. Hier bij de NWE Vorst hebben wij ook amateur én professionele gezelschappen. Professionals staan meer op verhuurbasis. Wij streven hier natuurlijk ook een bepaalde kwaliteit. Professioneel zegt ook wel veel over de kwaliteit, of het een goed stuk is, of er goed gespeeld wordt, daar betalen mensen een kaartje voor. Mensen betalen ook kaartjes voor amateur voorstellingen maar de reden daarvoor is meer omdat er vrienden of familie mee doen. Maar dat kan ook hartstikke goed zijn. Voor dat publiek is dat vaak ook de enige manier waarop zij met theater in aanraking komen.”

Hoe zit dat precies met verhuurbasis?
”Vooral beginnende gezelschappen of makers kloppen bij ons aan om een podium te hebben voor de voorstelling die ze hebben gemaakt. Het klopt dat wij de professionele gezelschappen vragen om bij ons te komen spelen, maar de amateurgezelschappen moeten bij ons aankloppen en zelf de zaalhuur betalen. We hebben een enorme stapel aan e-mails van gezelschappen die bij ons willen spelen, maar we kunnen natuurlijk maar een select groepje toe laten. Professioneel betalen wij en amateur betaalt ons.”

Wanneer kun je nou zeggen ‘ik ben een professional’ als je bent begonnen als amateur?
”Dat ligt er ook aan of we het over theater hebben, of dans of muziek. Daar zit veel verschil tussen. Bij muziek is er niet echt een onderscheid. Het gaat meer om de bekendheid. Als je er wat aan kan verdienen ben je professioneel maar dat wil niks zeggen over de kwaliteit. Muziek opleidingen zijn er ook gewoon niet zo heel veel. Ik denk dat theater en dans wat meer draait om het op HBO opgeleid zijn. Je hebt heel veel festivals of evenementen waar veel theatermakers of acteurs optreden die niet zo’n opleiding hebben gehad. Bijvoorbeeld mensen die werken op scholen of op straat.”

Ik had zelf graag de toneelopleiding willen doen. Het feit dat ik geen baan zou krijgen en dat de toelatingseisen zo streng waren hielden mij tegen. Was dat terecht? 
”Het beeld dat je geen gegarandeerde baan hebt na een kunstopleiding klopt wel ja, maar dat is bij meerdere opleidingen zo. Bij dit vak is het wel zo dat acteurs niet per se nodig zijn. Leraren zijn bijvoorbeeld altijd wel nodig. Maar je kunt wel zeggen dat het een soort marktwerking is. Als er meer artiesten zijn wordt er meer gemaakt, en gespeeld, en voor betaald. De lat ligt ook hoog. Als je bijvoorbeeld een danser bent dan moet je gewoon heel erg goed zijn. Al die jongetjes die graag profvoetballer willen worden moeten ook maar het geluk hebben dat ze er bij zitten.”

Hoe is het volgens jou in Tilburg geregeld qua plekken waar bijvoorbeeld amateurgezelschappen terecht kunnen voor het repeteren? 
”Ik weet dat er wel het een en ander beschikbaar is qua oefenruimtes en atelierruimtes. Daar heeft de gemeente toch wel wat meer geld naar uitgetrokken de afgelopen jaren. Dat is toch wel het allerbelangrijkste, of je er nou voor betaald krijgt of niet. Daar ontstaat het. Daar kun je het voorbereiden. Voor professionals is het natuurlijk wel wat beter geregeld dan voor amateurs. Er wordt door amateurs of bijvoorbeeld koren of fanfares gebruik gemaakt van gymzalen. In kleinere gemeentes is wat meer ruimte en zijn de prijzen voor huur ook wat lager. Het is ook wel goed dat het door elkaar loopt. Zo komt er ook en breder publiek in aanraking met theater dat niet alleen in de schouwburg speelt.”

 

 

 

 

 

Foto’s: Theater de NWE vorst

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *